Valentijn

In deze blog verteld Janse over wat zijn vrienden doen op Valentijnsdag en probeert hij zelf ook nog wat.

Marcus had er wel iets over te zeggen: 'Valentijn is een commerciële, kapitalistische kutfeestdag.' We zaten (zoals gebruikelijk op de donderdagavond) thee te drinken aan een tafeltje van gelakt donkerbruin hout in café De Kater. Ik leunde achterover en dacht er over na. Valentijnsdag wordt inderdaad door veel bedrijven benut om de verliefde mens allerlei smakeloze troep aan te smeren. Ik kan inderdaad goed misselijk worden van al die roze en rode decoratie in de etalages als ik door een winkelstraat loop. Dan krijg ik zwaar de nijging om geld te spenderen aan inktzwarte T-shirts met col. Maar is dit niet zo met elke feestdag? Met kerst en Sinterklaas probeert men net zo goed een monopoly te krijgen op 'het ideale geschenk'. Wansmaak is van alle tijden.

Een van Marcus' klasgenootjes was het eerder al roerend met hem eens geweest wat dat betreft. 'Maar,' zei Marcus,'waarschijnlijk zit ze zaterdag toch me koude voeten op de deurmat te wachten tot iemand een rode envelop door de brievenbus douwt.' Dat geld voor ons allemaal. Niemand heeft zo'n lage eigenwaarde dat hij of zij er niet tegen kan als iemand hem of haar de liefde verklaart. We hopen stiekem allemaal op die kitscherige theekopjes met zoete gedichtjes. Niet vanwege het geschenk maar vanwege het idee dat iemand van ons houdt.

Liefdesverklaringen liggen altijd buiten ons voorstellingsvermogen. Welk mens kan nu zo iets immens op een mooie, persoonlijke en eerlijke manier vertalen? Iedereen probeert het. Rebus bijvoorbeeld, pingelde laatst een schattig, zelfgeschreven liedje op zijn gitaar terwijl hij op mijn bed zat in mijn kamer. Een redelijk clichématige tekst en wat eenvoudige akkoordjes. Toch klonk het aandoenlijk en oprecht, ik werd spontaan verliefd op hem, ook al was de boodschap niet voor mij bedoeld.

Mijn zus en broer die alle twee zo goed als gelukkig getrouwd zijn met hun partners (zonder ringen) besloten samen koekjes te bakken in de vorm van hartjes. Toen ik mijn zus vroeg voor wie die koekjes waren legde ze rustig haar wijsvinger op haar lippen. Ik mocht het niet vragen. Ze hadden de koekjes die waren mislukt voor mij overgelaten. Dus zo zat ik op Valentijnsdag deze gebroken hartjes op te peuzelen, onder het genot van een kop koffie terwijl ik een boek over schaken las en Pieper op de leuning van de bak lag te spinnen.

Krul stond al vroeg voor de deur. Hij kwam de sleutel van een geleende fiets overhandigen. Nee, hij kon niet even binnenkomen. Op Valentijnsdag had hij een strak schema. Hij had een pluche konijn (wit) gekocht en het dier zo gekunsteld dat het een doosje bonbons vasthield. Dit pakket liet hij door een willekeurige voorbijganger afleveren aan het adres van zijn geliefde. Dat meisje beseft nog niet dat haar prins op het witte paard een compleet geschifte, intens geniale, componist is, die zijn leven dirigeert als een stuk van Hyden.

Laat ik eens kijken wat Peer doet vandaag, dacht ik. Ik belde hem op.

'Jo LUL!' klonk het toen hij opnam.

'Hey Peer, met Janse. Waar ben jij nu?'

Toen kreeg ik iemand anders aan de lijn. Het was een van Peer's 'collegae' van het corps.

'Ja, we zijn hier heel erg aan het zuipen.' klonk een aangeschoten mannenstem.

'Oh,' zei ik 'is het gezellig?'

'Ja, het is heel leuk. Heel leuk. Maar we zijn toch vooral aan het zuipen.

Toen nam Peer het weer over.

'LUL! Ik ga je weer hangen, want dit wordt een duur gesprek. Ik zit namelijk in België met het dispuut.'

Duidelijk. Ik hing op. Sommige dingen veranderen niet.

's Avonds was er cultureel café, dit keer gemanaged door d'n Mol. Steil en zijn vriendin (die Steil heel knullig Guineverre heeft genoemd in zijn reisverhalen) zaten al op de bank toen ik binnenkwam. Steil gaf me een stevige knuffel. 'Zo, wat hebben jullie voor elkaar gedaan met Valentijn?' Steil had Hypolita (wat natuurlijk een veel betere naam is voor zo'n meisje) verrast met een speciaal samengesteld boeket en een ontbijt op bed. Hypolita zat uiteindelijk al lang niet meer in bed toen hij het kwam brengen. Daarna zijn ze geloof ik gaan shoppen.

Mijn ouders waren niet thuis, dus kon ik na cultureel cafe heerlijk in bad. Ik had nog een kop thee gezet en een grote bak chocolademousse uit de koelkast gehaald. Zo zat ik in bad na te denken over mijn vrienden en over het meisje op wie ik een oogje heb. Wat heb ik nu helemaal gedaan op valentijnsdag? Niet zo veel. Geen enkele vrouw heb ik een teken van liefde gegeven. Misschien moest ik dat maar alsnog doen. Dus liefste als je dit leest:

Ik wil nog een trucje doen. Al deze kaarten zijn verschillend. Kies er eentje uit. Onthoud hem goed. De kaart die jij in alle subtiliteit hebt gekozen is de hartenvrouw.

Ik hou van je.