Achter je rug flikken ze het toch

Marcus had, voor zover ik weet, tijdens de hele bovenbouw van de middelbare school nooit wat ‘uitgespookt’. Met uitgespookt bedoel ik van die gewaagde dingen als relaties aangaan en/of zoenen (of erger) met meisjes. Sterker nog, als je het mij vier jaar terug had gevraagd, dan had ik gezworen dat Marcus ‘aseksueel’ was. Hij gaf zelden blijk van enige behoefte tot een warm, zacht, lief meisje in zijn armen. Hij gaf eerder blijk van behoefte aan andere dingen: het studiehuis opblazen, een oorlog te beginnen tegen de Friezen en de docente Nederlands te intimideren met een golfbal.

Rebus had overduidelijk we de behoefte aan een warm, zacht lief meisje. Hij had, zoals zoveel gevoelige jongemannen, liefde in overvloed om te geven. Zijn probleem was echter dat het meisje achter wie hij aanzat geen behoefte had aan een gevoelige, intellectuele en verantwoordelijke man. Tegenwoordig zie je haar rondlopen met, wat ik noem, een testosteronaap (een woord dat opvallend genoeg wordt goed gerekend door de spellingscontrole, in tegenstelling tot het woord ‘Narg’ dat ik ook nog steeds graag gebruik om mijn ongenoegen te uiten). Niet groot, wel gespierd, overduidelijk behoeftig en ietwat onbehouwen. Hij is het tegenovergestelde van Rebus, al is hij wellicht even neurotisch.

Noem mij een koppelaar maar ik had eigenlijk een veel geschikter meisje op het oog voor mijnheer de GVR*. Zij was eveneens lief, zacht en warm maar veel minder mysterieus. Het mooiste was nog dat ze, laten we haar Snuitkevertje noemen, als een blok viel voor Rebus. Wat wil een mens nog meer… Rebus bleef echter nog een flinke poos achter zijn ingebeelde ware lopen.

Kneitr is, zoals hij zelf ook zegt, een jonge god: knap, gespierd en sociaal. Het soort jongen waarvan zelfs de knapste meisjes hopen dat hij op hen afstapt. Hij had alleen een structureel probleem: het lukt hem niet om een meisje te krijgen. Af en toe zag je dat hij vordering maakte, maar op het laatste moment maakte hij dan waarschijnlijk een cruciale fout en liepen de meisjes weg. Het mooie was dat hij daaronder wel ‘cool’ bleef. Vroeg je hem: ‘Hé, hoe is het afgelopen met díe en díe?’ dan antwoordde hij nuchter: ‘Niet zo goed. Blauwtje gelopen. Behoorlijk blauwtje zelfs.’

Wat het aardige is, is dat alle drie de jongens nu ‘onder de panne’ zijn. Marcus heeft nu een grappig Zeeuws meisje weten te versieren op zijn studentenvereniging. Iets dat hij doodleuk melde nadat ik een spijker in mijn neus had getimmerd (een truc die ik niet meer mag doen van Corine).

Rebus heeft Snuitkevertje op een onzichtbare wijze te grazen genomen (gezoend) terwijl ik lam achter de elektrische piano met een glas wijn in de ene en Corine in de andere hand. De bastard belde mij later op de avond nog op om dit op te biechten. Hij was dus toch voor haar gevallen en, ja, ze hadden nu een relatie.

Tot slot is ook Kneitr er in geslaagd om een meisje te vinden. Niet zomaar een meisje; het knapste meisje van Unitas (algemene consensus). Het gaat ‘best wel chill’ tussen hen twee, als ik de jonge god moet geloven.